Les 10: Het varken
Lager onderwijs
-
1e graad
Landbouwdieren
Duur:
25 à 50 minuten
Les
De leerlingen maken een werkblad waaruit blijkt dat de les over varkens gaat. Dan bekijken ze een informatief filmpje over varkens. Ze krijgen enkele afbeeldingen van varkens die een probleem hebben over een bepaald symbool van dierenwelzijn (eten en drinken, woning, gezond zijn, spelen en samen zijn, gelukkig zijn). Met de informatie uit het filmpje bedenken ze een oplossing die ze bij het varken tekenen.
Beginsituatie
- De leerlingen kunnen korte woorden lezen.
- De leerlingen weten dat dierenwelzijn onderzocht kan worden aan de hand van vijf symbolen (zie Les 2: Het welzijn van dieren).
Lesdoelen
- De leerlingen weten dat een varken specifieke behoeften heeft en kunnen daar enkele voorbeelden van geven.
- De leerlingen bedenken hun eigen oplossingen voor de behoeften van varkens.
Vooraf
- Zorg dat je het filmpje kan laten zien.
1. Prikkel: Modderwoorden
Geef de leerlingen individueel of per twee het werkblad met de modderspatten (zie bijlage 1).
Ze kleuren alle modderspatten met dezelfde vorm.
Laat een leerling de gekleurde woorden luidop lezen.
- Over welk dier gaat het? (Een varken: het is roze, heeft een krul in de staart, heeft vier poten, het knort, wordt vaak gehouden door boeren en heeft een platte snuit.)
Meer bekijken en materiaal downloaden?
Maak een account aan en ontdek het volledige educatieve aanbod over dierenwelzijn.